Nieuwsbriefverhaal: Wilde honden, rattengif en een bijna overleden atleet: dit was de Olympische marathon van 1904

(De winnaar van de Olympische marathon in 1904. Via Wikimedia)

De Olympische Spelen in St. Louis in 1904 waren om onnoemelijk veel redenen die waarschijnlijk een eigen artikel verdienen vrij uitzonderlijk. Om maar twee voorbeelden te noemen: een atleet met een houten been (George Eyser) won zes medailles als gymnast en touwtrekken was een officiële sport – of er van tevoren ook hotdogs gegeten werden en er een springkussen aanwezig was om de heilige kinderverjaardag-drie-eenheid compleet te maken, is onduidelijk.

Het vreemdste evenement op de Spelen in 1904 is zonder twijfel de marathon. Het is heet, bloedheet, op 30 augustus 1904 in St. Louis. Op het moment dat de marathon begint, is het ongeveer 32 graden. Als je ooit hebt gevoetbald of gebasketbald in de zomer, weet je hoe warm dat kan zijn, maar een marathon in die omstandigheden lopen is nog veel lastiger. Los daarvan is de weg bezaaid met stof en stenen. Hoe zwaar het is om een marathon te lopen op een parcours dat de temperatuur van een kookplaat heeft aangenomen, weten sommige deelnemers niet, simpelweg omdat ze nog nooit een marathon gelopen hebben.

Het deelnemersveld bestaat uit onder anderen Amerikanen, een aantal Grieken, een voormalig postbode uit Cuba – later meer over hem – en twee Zuid-Afrikanen, die volgens de overlevering allebei op blote voeten liepen, hoewel slechts één van de hen op een foto ook daadwerkelijk blootvoets te zien is. 

Een van de deelnemers is Fred Lorz, een metselaar en getalenteerd atleet, en bovendien een man die houdt practical jokes. Hij is de Spaßvogel van de marathon, iemand die waarschijnlijk, als hij in 2021 zou leven, een semi-populair YouTube-kanaal met pranks voor kinderen zou beginnen. Na een kilometer of negen is hij echter vooral de man die een brandende kramp in zijn benen heeft en zich voelt alsof z’n lichaam zich binnenstebuiten heeft getrokken. Hij beseft dat het geen zin heeft om verder te lopen, geeft op en stapt in een auto die hem naar huis kan brengen.

Onderweg zwaait Lorz af en toe naar collega-marathonlopers en toeschouwers. Hij is niet de enige kanshebber op goud die al snel opgeeft: ook John Lordan moet noodgedwongen stoppen. Na een kilometer of zestien staat hij voorovergebogen te braken langs de kant van de weg, door de hitte, en het stof en vuil dat hij heeft ingeademd door alle voorbijrazende auto’s die over de weg rijden.


(Fred Lorz. Via Wikimedia

Alsof de (weers-)omstandigheden nog niet zwaar genoeg zijn, is er nog een extra hindernis: er zijn maar twee waterpunten aanwezig op het parcours van veertig kilometer. Dat is verrassend genoeg geen gevolg van incompetentie van de bedenkers van dit helse sportevenement, maar een doordachte keuze: official James E. Sullivan deed onderzoek naar ‘purposeful dehydration’. De centrale vraag: gaan sporters beter presteren als ze compleet uitgedroogd zijn?

Sullivan kon zich beroepen op z’n wetenschappelijke plicht om aannames te verifiëren met keiharde feiten, maar hé, met de kennis van nu is het een vrij krankzinnig experiment om uit te voeren tijdens een marathon als de temperatuur ver boven de 30 graden zit. Weet je wat: met de kennis van toen was het ook al een vrij krankzinnig experiment.

In de geest van dit sportevenement waarin alles spectaculair verkeerd gaat is het waarschijnlijk onnodig om dit nog te vermelden, maar toch maar even voor de administratie: veel atleten waren niet gewend aan het water en kregen last van hun maag na het drinken.

Deelnemer Thomas Hicks is niet de beste atleet van het stel, zeker niet, maar lang lijkt het erop dat hij misschien wel de beste vorm van iedereen heeft. Op dit punt is het belangrijk om te benoemen dat Hicks twee begeleiders heeft, een van hen heet Charles J.P. Lucas. Hij zou later een boek schrijven over de Spelen van 1904, waarmee hij een uitstekende bron voor dit artikel is. Helaas voor Hicks is Lucas ook niet bepaald het scherpste mes in de keukenla, zo destilleren we uit het boek. Op ongeveer vijftien kilometer van de finish is Hicks uitgeput en uitgedroogd, zijn gezicht is bleek, hij ziet eruit alsof hij elk moment kan instorten. De Amerikaan smeekt bij zijn begeleiders om wat te drinken, maar krijgt het niet. In plaats daarvan denken z’n begeleiders, om redenen waar ik slechts naar kan gissen, dat het een beter idee is om Hicks alleen wat desinfecterend water te geven om zijn mond mee te spoelen. Hij strompelt verder richting de finish.

Ver achter Hicks loopt de onbetwiste held van dit verhaal: Félix de la Caridad Carvajal y Soto, beter bekend als Andarín Carvajal, de Cubaanse postbode. Hij is een ietwat cartoonesk figuur, een tengere, kleine man met een kunstzinnige snor en wenkbrauwen die permanent omhoog staan, alsof hij net iets verbazingwekkends heeft gehoord. Carvajals reis naar St. Louis verliep moeizaam: hij kwam terecht in New Orleans, waar hij de verleidingen van de stad maar moeilijk kon weerstaan. Hij leefde voor heel even als een koning en verbraste in korte tijd al z’n geld met gokken, waardoor hij geen cent meer over had om naar St. Louis te komen en liftend en wandelend z’n weg naar de Spelen moest vervolgen.

Toen hij aankwam in het bloedhete St. Louis en zich net op tijd naar de start van de marathon begaf, zag hij dat vrijwel iedereen een mouwloos shirt en een korte broek droeg, omdat, nou ja, het dus bloedheet was. Carvajal had zijn postoutfit nog aan: een deftige baret op zijn hoofd, een shirt met lange mouwen, een door een riem opgehesen broek en stevige, warme schoenen. Een andere deelnemer knipte voor hem de lange broekspijpen een stukje af, zodat de Cubaan iets meer leek op een marathonloper en iets minder op een figurant in Peaky Blinders.

Carvajal blijkt een uitstekende atleet te zijn, maar verliest veel tijd doordat hij steeds stopt om in gebroken Engels te praten met toeschouwers langs de kant. De marathon is voor hem slechts een hinderlijke bijkomstigheid van zijn Amerikaanse avontuur waarvan het doel niet helemaal duidelijk is. In zijn boek schrijft Lucas dat Carvajal op een gegeven moment langsloopt en hem vraagt om een van de perziken die hij aan het eten is. Als Lucas weigert, pikt de Cubaan er ‘playfully’ twee en rent hij weg. Later ziet hij een boomgaard en besluit een paar appels te eten, niet wetende dat ze rot zijn. Hij krijgt – niet als eerste of laatste – last van z’n maag en zoekt – wel als eerste en laatste – een rustig plekje op om een dutje te doen en te herstellen.


(Carvajal voor de marathon. Via Wikimedia

Ondertussen is Hicks een paar kilometer later helemaal gesloopt. Pas nu, op het moment dat hij echt niet verder kan, besluiten zijn begeleiders hem weer iets te geven. Ieder rationeel mens zou gaan voor wat water, een banaan, desnoods iets zoets voor een energieboost, maar tijdens de Olympische marathon van 1904 worden weinig rationele beslissingen genomen. Hicks’ begeleiders besluiten hem eiwit en een heel klein beetje strychnine toe te dienen.

Strychnine wordt in die tijd soms gebruikt om voor een opwekkend effect te zorgen. Klinkt goed, zou je denken, niets meer aan doen, maar strychnine wordt naast verkapte doping ook gebruikt in… rattengif. Oh ja, en van te veel strychnine ga je dood.

Het had vrij weinig gescheeld, of de marathon op de Olympische Spelen van 1904 had trouwens een niet-strychnine gerelateerde dode opgeleverd. Tijdens een sporttoernooi waar er wordt geschoten, geschermd en met een massieve, metalen kogel wordt gesmeten is de marathon niet per se het evenement waar je verwacht dat je bloed ophoestend langs de kant van de weg ligt, maar het kan gebeuren, zo ontdekt William Garcia. Het inademen van een overdosis stof en gassen zorgt ervoor dat hij lijdt aan een maagbloeding, die hem fataal had kunnen worden als hij later gevonden was. Ook Sam Mellor, die eerder de marathon van Boston heeft gewonnen en halverwege eerste stond, heeft inmiddels opgegeven. De marathon is een slagveld geworden.

Rond hetzelfde punt, zo’n tien kilometer van de finish, staat Fred Lorz stil op de weg. Autopech. Hij voelt zich een stuk beter nu de kramp is verdwenen en hij kilometerslang in de auto heeft gezeten, en krijgt een briljant idee: wat nou als hij, puur voor de grap, weer verder rent en doet alsof er niets aan de hand is? Grijnzend en uitgerust begint hij aan zijn triomftocht. Als een paar mensen langs de kant vragen of hij van de weg wil gaan omdat hij al gediskwalificeerd is, roept Lorz dat hij rent omdat hij snel thuis wil zijn.

Zo’n acht kilometer van de streep kan Hicks niet meer. Hij smeekt om even op de grond te mogen liggen, maar zijn begeleiders weten dat de atleet dan waarschijnlijk voorlopig niet meer omhoog komt. Dus moet hij door. Opeens ziet hij iemand in z’n ooghoek: zonder ook maar een zweetdruppel op z’n voorhoofd haalt Fred Lorz, de man die de halve marathon in een auto heeft gezeten, de compleet geknakte Hicks in, die nu vrij zeker weet dat hij niet meer bij zinnen is.

Hicks’ gezicht is asgrauw, hij wandelt nu. Z’n begeleiders overleggen even en gaan over tot grover geschut: twee eieren, een klein beetje extra strychnine en brandy. Alsof je iemand die klaagt over vermoeidheid een elektrische schok geeft in plaats van een banaan en een paar Dextro’s. De combinatie van eieren, min-of-meer-rattengif en alcohol voelt voor je lichaam alsof je in een opgevoerde draaimolen zit terwijl iemand herhaaldelijk heel hard in je maag slaat – tenminste, ik heb het nooit geprobeerd, maar zo stel ik het me voor.

Na de waarschijnlijk vrij giftige cocktail krijgt Hicks wat warm water over zich heen gegooid. Even lijkt hij weer op te leven, hij schudt het water van zich af en rent verder.

De opleving duurt kort; een paar kilometer later hallucineert Hicks. Hij beweegt nog, mechanisch, meer uit automatisme dan uit noodzaak. Hij ziet dingen die er niet zijn en voelt dingen die er wél zijn niet meer. Als hij de verkeerde kant op zou lopen, richting de start, zou hij het waarschijnlijk niet eens doorhebben. Meer dood dan levend gaat hij verder richting de finish.

Iedereen kent dat moment dat je een grap te lang door laat gaan. Fred Lorz maakte zo’n moment mee toen hij als eerste over de finish kwam. Op dat moment had hij nog kunnen zeggen dat hij eigenlijk meer dan de helft van de marathon in een auto had gezeten, maar dat deed hij niet. Toen hij zich eenmaal had laten feliciteren wist hij dat het te laat was. Er was geen weg meer terug, hij zou de rest van z’n leven moeten doen alsof hij de zwaarste marathon ooit fluitend was doorgekomen terwijl achter hem links en rechts mannen neervielen langs de kant van de weg.

Als Hicks het stadion binnenstrompelt – moe, gedrogeerd, twijfelend of z’n lichaam of geest harder verpulverd is vandaag – ziet hij Lorz staan bij Alice Roosevelt (de dochter van president Theodore Roosevelt). Hij ziet een gouden medaille en een krans die bestemd zijn voor Lorz.

Voor de zoveelste keer denkt hij dat hij gek wordt.

Net voordat Lorz de medaille omgehangen krijgt, krijgen de officials via via door wat er gebeurd is. De waarheid – dat de winnaar van de marathon meer bandensporen dan voetstappen op het parcours heeft achtergelaten, als een soort Transformer – lijkt onwaarschijnlijk, maar meerdere ooggetuigen hebben het gezien. Uiteindelijk wordt Thomas Hicks de verfomfaaide winnaar van de Olympische marathon van 1904.

De rest van de dag druppelen de overige deelnemers langzaam binnen. Ze hebben, zonder enige uitzondering, een zware dag gehad. Postbode Carvajal wordt ondanks alle stops vierde, de Zuid-Afrikaan Len Taunyane eindigt teleurstellend als negende, maar dat komt ook omdat hij onderweg op een gegeven moment achtervolgd werd door wilde honden en van zijn koers moest afwijken.

De Olympische marathon van 1904 heeft meerdere negatieve records opgeleverd die waarschijnlijk nooit meer verbroken zullen worden. Tot op de dag van vandaag is de tijd van winnaar Hicks (3:28:53) veruit de slechtste tijd van een Olympische marathonwinnaar ooit. In de jaren daarna zijn er bovendien nooit meer zoveel deelnemers uitgevallen. Maar bovenal is het de editie waarin een experiment met uitdroging, rattengif en extreme hitte op het grootste sporttoernooi ter wereld werd uitgevoerd.



Vond je dit verhaal leuk? En wil je meer sportverhalen lezen? Mijn boek Doorspelen – vol met verhalen over voetbal – ligt volgende maand in de winkels. Reserveren is via deze link alvast mogelijk.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: